Natuurfotografie, Streekgeschiedenis, Genealogie

Posts tagged “Troilus Luridus

Wantsjes

Wantsen, overal wantsen, zo leek het wel. Het zal er wel de tijd voor zijn. Wat me opviel dat is dat ik bijna alleen maar juveniele wantsjes te zien kreeg. Voordat een wants volwassen is doorloopt bij een aantal stadia, sommige wel tot vijf in het getal. Instar 1 t/m instar 5 heet dat ook wel. Vandaag twee soorten. De eerste is de gemakkelijkste om op naam te brengen. Het is een juveniele Groene Stinkswants, hooguit een kleine centimeter lang.

Groene stinkwants (juv)

Maar de volgende soort is voor mij moeilijker op naam te brengen, denkelijk is het een instar van de Snuitkeverwants, en minder waarschijnlijk is het die van een Troilus Luridus, maar geen van beiden is wat mij betreft zeker. En door drukke bbhh heb ik ook niet de tijd om het allemaal even uit te zoeken. Vandaag blijft het bij “wantsje”. Ook niet langer dan een dikke halve centimeter.

wants (juv)

Ondanks dat deze zo klein is lukte het me toch om z’n facetogen in beeld te krijgen.

wants (juv; detail)

Je zou aan de hand van de onderstaande foto kunnen denken dat hij een middenpoot heeft. Het aanhangsel onder z’n kop is echter z’n zuigsnuit, waarmee hij sappen opzuigt zoals wij dat doen met limonade in een rietje.

wants (juv)

Nee, niets is minder waar. Ook als juveniele exemplaren zijn sommige wantsen al echte rovers. Het exemplaar hieronder heeft een bladhaantje te pakken gekregen. Daarna wurmde hij zijn zuigsnuit tussen de dekschilden van de kever.

wants (juv) met prooi

Dan spuit hij maagsappen in de kever, waarna die van binnen min of meer oplost, zodat de wants de inhoud kan opzuigen. Nee, het zijn zeker geen lievertjes. Klein, maar dapper denk ik dan altijd maar.


Glimmers en zo

Door omstandigheden ben ik in de afgelopen week nauwelijks in het veld geweest. Daarom moet ik vandaag voor foto’s even in de reservebak kijken. Dat hoeft niet zover terug, een aantal weken geleden was er nog genoeg klein kruipend en vliegend spul in de natuur te bezichtigen. Zoals onderstaande nimf van een wants.

nimf van Troilus Luridus

nimf van Troilus Luridus

Naar alle waarschijnlijkheid de nimf van een Troilus Luridus. In het algemeen zijn de nimfen van deze soort mooier dan de vrij egaal bruine imago’s. Ze glimmen ook meer.

nimf van Troilus Luridus

nimf van Troilus Luridus

Ook nog onderweg was een bladhaantje. Vaak zie ik als ik onderweg ben slechts het donkerblauwe Berkenhaantje. Daarvan zijn er schijnbaar het meest. Maar er zijn veel meer soorten in allerlei kleuren.

bladhaantje

bladhaantje

Deze was glimmend bruin, voor mij een mooie kleur, waarschijnlijk het Variabel bladhaantje (Chrysolina varians).

bladhaantje

bladhaantje

Niet of nauwelijks glimmend, of het zouden al zijn schubben moeten zijn, is onderstaande Grasmot.

Grasmot

Grasmot

Dat zijn die vlindertjes die voor je voeten opvliegen, ze hangen meestal in het gras. Maar zodra ze weer zijn geland ben je ze kwijt omdat ze zich dan achter een grasspriet verschuilen.

Grasmot

Grasmot

Niet langer dan een centimeter. Het is ondoenlijk de precieze naam te vermelden, er zij  teveel gelijkende soorten en je moet al specialist met een microscoop zijn om de juiste naam te kunnen vinden. Het is dan nu wel november, maar zelfs in de afgelopen week dwarrelde er nog zo’n minivlindertje door m’n tuin. Het was alleen te donker om er een goede foto van te maken. Nou ja …, dan biedt de reservebak nog uitkomst.


Snuitkeverwants

’t Is bijna afgelopen met de rondkruipende wantsen. Er komt nachtvorst aan en ze zullen hun schuilplekjes moeten gaan opzoeken. Toch kreeg ik in de afgelopen weken nog een aantal voor de lens. De onderstaande lijkt op het eerste gezicht helemaal gaaf. Dat is hij ook wel, maar hij heeft z’n antennes verstopt onder het lichaam. Dat maakt het moeilijker om hem te determineren.

Snuitkeverwants

Maar …., hij kroop verder, waardoor de uiteinden van z’n voelsprieten zichtbaar werden. Bij deze zijn de uiteinden geel. Dat maakt hem bijna zeker tot een Snuitkeverwants. We kennen ook nog de Troilus Luridus, die misschien net iets meer bronskleurig is, maar het laatste segment van hun antennes is zwart met vlak voor dat laatste segment een gele ring.

Snuitkeverwants

Hierboven zie je dat hij zijn lange zuigsnuit onder het lichaam houdt. Hieronder zie je het gele uiteinde van de antennes goed.

Snuitkeverwants

Tenslotte nog een nimf van waarschijnlijk ook weer de Snuitkeverwants. In het nimfenstadium zijn de uiteindes van de antennes wel zwart.

nimf van Snuitkeverwants

’t Is maar net hoe ver hij in zijn ontwikkeling is.

nimf van Snuitkeverwants

Moeilijk, die nimfen, ze lijken zoveel op elkaar. Uiteindelijk gaat het me er om te laten zien wat er allemaal kan rondkruipen. Hoe dan ook, de wantsen zijn bijzonder omdat ze zo vaak van jas wisselen. Het is altijd maar weer afwachten wat er op zo’n moment in de mode is.