Natuurfotografie, Streekgeschiedenis, Genealogie

Posts tagged “Surhuizum

Verwarring

De archiefbronnen betreffende Hendrik Rapkes Tuinstra (1793-1836) zijn soms verwarrend. In het doopboek van Surhuisterveen of Surhuizum wordt hij niet vermeld. Wel in het register van naamsaanneming van 31 december 1811 in Surhuisterveen. Hij was een zoon van Rapke Ritskes Tuinstra en Grietje Hendriks Dijkstra en was bij die naamsaanneming 18 jaar oud. Hij is dus in 1793 geboren. Alle andere kinderen van Rapke Tuinstra werden wel gedoopt, Hendrik niet.

Hendrik overleed op 19 oktober 1836 in Surhuisterveen, ongehuwd volgens zijn overlijdensacte.

overlijdensakte Hendrik Tuinstra (fragment)

Toch is hij een voorouder van een aangetrouwd familielid.

In 1817 werd hij de vader van een dochter Fedje bij Auktjen Bonnes met wie hij samenwoonde. Aukje was een dochter van Bonne Tjeerds en Fetje Johannes (van der Heide), werd in Zevenhuizen geboren en overleed in Surhuisterveen in 1818, 24 jaar oud, ook met de vermelding “ongehuwd”.

Daarna ging Hendrik Tuinstra samenwonen met Sjoukje Scholte. Ze trouwden ook niet. Bij Sjoukje kreeg hij in totaal zes kinderen:
Rapke (1820), Andries (1822), Grietje (1825), Hinke (1827), Geeske (1830) en Trijntje (1833). In de acte uit 1820 wordt hij al vader vermeld en in de andere geboorteaktes is opgenomen dat hij de kinderen erkent.

De aanduiding “ongehuwd” in zijn overlijdensacte klopt dus wel. Maar als je er snel overheen leest zou je kunnen concluderen dat hij altijd vrijgezel is gebleven. Wat verwarrend kan zijn.

Er is meer te vertellen over Hendrik Rapkes Tuinstra. In een krantenartikel in de Leeuwarder Courant in 1836 las ik het volgende (tekst gemoderniseerd):

Op 19 Oktober 1836 werd in Leeuwarden terechtgesteld Klaas Tuinstra, arbeider onder Surhuisterveen, erkend ruziezoeker (volgens het krantenartikel), die tijdens de najaarsmarkt in Surhuisterveen, ruzie had gekregen met de arbeider Hendrik Rapkes Tuinstra. Klaas had daarbij Hendrik met een mes in de buik gestoken. De verwonding was zodanig dat Hendrik een half uur later was overleden. Klaas had eerst ontkend, maar later alles bekend. Hij werd schuldig verklaard aan moedwillige doodslag.

Die terechtstelling was een publiek schouwspel en bestond daarin dat Klaas op een schavot in Leeuwarden werd geleid. Daar moest hij knielen en daarna werd er met een zwaard over zijn hoofd gezwaaid, zeg maar gezwiept. In die tijd was de doodstraf nog niet afgeschaft. Het zwaaien met het zwaard over het hoofd was bedoeld als waarschuwing, zowel voor de veroordeelde als voor het publiek. Nog een keer een dergelijke misdaad en het zwaard zou lager worden gezwaaid met fatale gevolgen. Na die terechtstelling moest Klaas nog een gevangenisstraf van 12 jaar uitzitten. Klaas overleed echter in die gevangenis op 18 mei 1841, 31 jaar oud.

In de overlijdensakte van Hendrik Tuinstra vinden we geen woord over een moord of doodslag terug. Ook hier weer, een dergelijke akte is correct, maar onvolledig.

Wat de aanleiding tot de ruzie is geweest weet ik niet. Op 22 juli 1835 schonk Sjoukje Scholte opnieuw aan een zoon het leven. Hij werd ingeschreven als Andries Scholte, deze keer met de vermelding “vader onbekend”. Er is ook later geen sprake van erkenning. De geboorteaangifte werd gedaan door Doeke Tuinstra, een broer van de veroordeelde Klaas Tuinstra. De beide Tuinstra-families moeten elkaar goed hebben gekend, ze woonden waarschijnlijk vlak bij elkaar.

geboorteakte Andries Scholte (fragment)

In 1837 kreeg Sjoukje Scholte opnieuw een dochter, genaamd Hendrikje Scholte, misschien vernoemd naar de intussen omgekomen Hendrik Tuinstra. Aangeefster was de toevallig aanwezige Aukje Fokkes Postma.  Sjoukje trouwde, deze keer officieel,  in 1839 met Fokke Fokkes Postma, een broer van de toevallig aanwezige Aukje.

Van een aantal van de kinderen van Hendrik Rapkes Tuinstra heb ik weinig terug gevonden. Dochter Fedje (bij Aukje Bonnes) werd slechts 1 jaar oud.  Zoon Andries (1822) werd 5,5 jaar oud en dochter Trijntje (1833) werd 30 jaar oud en overleed ongehuwd. Dochter Geeske (1830) trouwde (1849) met Tjeerd Boomsma. Dochter Hinke (1827) overleed in 1850 in Noorderdrachten als Hinke Scholte, ongehuwd.

De oudste zoon  Rapke (1820) werd in zijn geboorteakte als Rapke Ritskes Tuinstra ingeschreven. Dat bleef zo, ook in zijn overlijdensacte (1916) heeft het patroniem Ritskes. Oppervlakkig gelezen zou je hem dus als een zoon van een Ritske Tuinstra kunnen aanmerken. Het patroniem kreeg hij echter van zijn grootvader Rapke Ritskes Tuinstra. Opnieuw verwarrend dus.

In eerste instantie liet dochter Grietje het grootste vraagteken na. Ze werd in 1845 tot twee jaar detentie veroordeeld wegens diefstal van een schaap. Op 29 mei 1847 werd ze opnieuw veroordeeld wegens diefstal, deze keer tot 5 jaar. Echter, in het rolboek staat ze vermeld als Grietje of Gerrit Hendriks Tuinstra. Op 24 januari 1852 volgde nog een veroordeling tot vijf jaar detentie. Ook deze keer wordt ze (hij) vermeld als Grietje of Gerrit Hendriks Tuinstra. Ze (Hij) overleed op 22 januari 1854 in de gevangenis van Appingedam, 28 jaar oud. Ze (hij)  wordt dan vermeld als Gerrit Hendriks Tuinstra.

Over Grietje of Gerrit volgt een tweede aflevering, hij werd uitvoerig beschreven in de medische literatuur. Verder ben ik nog niet “klaar” met Hendrik Rapkes Tuinstra en Sjoukje Andries Scholte, die wel op een heel bijzondere manier hun brood verdienden. Daarover ook in een volgende bijdrage meer.


Hutje in de heide

In de afgelopen week reed ik weer eens langs het Themapark Spitkeet in Harkema. Tijd en gelegenheid om een foto te maken had ik niet. Geen nood, ik had nog wel een oude foto van een aantal jaren geleden. Intussen is de situatie daar helemaal veranderd. Op de foto staat de spitkeet van Harkema op het armenkerkhof.

Spitkeet Harkema

In de Friese wouden (ook elders, bijv. Drenthe)) stonden vroeger veel van dit soort hutten. Het deed me ook weer denken aan dat gezin in Surhuizum waarvan ik eerst niet de geboorteaktes van alle kinderen kon vinden. Achteraf bleek dat de man en vrouw pas in 1855 waren getrouwd, hij was toen 57 jaar oud en zij 58 jaar. Een aantal kinderen waren met patroniem ingeschreven en niet met een achternaam. Het echtpaar was zoals ze dat vroeger noemden wel “over de puthaak” getrouwd, maar nooit officieel. Dat haalden ze dus op hun “oude dag” nog in. In hun huwelijksakte werden een zestal kinderen genoemd, die bij die gelegenheid allemaal werden gewettigd. Toen was het eenvoudig om de geboorteaktes op te zoeken. In die aktes wordt bij een aantal kinderen vermeld dat ze zijn geboren in een hut op de heide.

geboren in een hut op de heide

De kleurenfoto van de plaggenhut in Harkema straalt nog iets van warmte uit met die gordijnen en bloemen voor de ramen. In werkelijkheid was het bittere armoede.  Onderstaande foto uit het Fries fotoarchief uit circa 1905 laat niets te raden over. Dit is een bewoonde plaggenhut.

Plaggenhut circa 1900 / 1905

Ook uit datzelfde fotoarchief nog een andere foto ook uit het begin van de twintigste eeuw. Nu eens geen plaggen als basis maar een soort van tentdoek. Dit soort hutten zag je vaker in de veenderij-gebieden. Ze noemden het ook wel tenten.

Hut circa 1900 / 1905

Dan is de romantiek er gauw af en zie je iets van de bittere armoede. Het is nauwelijks meer dan 100 jaar geleden dat deze foto’s zijn gemaakt. Hier zie je ze niet meer, behalve in de themaparken, als herinnering. Maar als ik naar de actualiteiten op TV kijk herken je nog steeds vergelijkbare situaties. Dan is er niet zoveel veranderd in 100 jaar, het beeld heeft zich alleen verplaatst.