Natuurfotografie, Streekgeschiedenis, Genealogie

Posts tagged “Maartse vlieg

Bladhaantje en Rouwvlieg

Zo langzamerhand komen ook de bladhaantjes weer “bovendrijven”. De komende tijd hoop ik een aantal te laten zien. Werkelijk de eerste die ik dit jaar voor de lens kreeg was onderstaande, direct ook maar een mooie. Eentje die je niet zo vaak ziet. Misschien daarom heeft hij ook geen Nederlandse naam, het is de Cryptocephalus quinquepunctatus. Zo vond ik zijn naam een aantal keren op internet. Maar hij wordt ook wel vermeld als Cryptocephalus sexpunctatus. Quinque is vijf, dus dan moet je vijf (zwarte) punten kunnen tellen. Dat kan alleen als je de middelste boven op het schild voor één punt telt. Anders is het zes punten en komt de tweede naam in aanmerking. Wat is wijsheid? Ik weet het niet.

Bladhaantje Cryptocephalus quinquepunctatus (sexpunctatus)

Het is pas de tweede keer ooit dat ik zo eentje door de lens kreeg. Hendrika heeft me de eerste keer geholpen met de determinatie, zelf was ik er niet zo eenvoudig op gekomen.

Bladhaantje Cryptocephalus quinquepunctatus (sexpunctatus)

‘k Moest ook al weer opschieten, want hij had haast en keerde me z’n achterste toe en ging ervandoor.

Bladhaantje Cryptocephalus quinquepunctatus (sexpunctatus)

In tegenstelling tot dit vrij spaarzaam aanwezige bladhaantje “tilt het momenteel op” van de rouwvliegen. Ze zijn zo ongeveer overal, deze zwarte jongens. Het zijn langzame vliegers en je herkent ze tijdens het vliegen daaraan dat de poten er maar wat bij hangen, waardoor ze er dan een beetje onwezenlijk uitzien. Er zijn heel veel soorten rouwvliegen. De soort die momenteel het meest rond vliegt noemen we ook wel Maartse vlieg. De Latijnse naam is Bibio marci. Sommigen zeggen dat het “marci” in die naam verbasterd is naar maart. Anderen zeggen dat de naam is afgeleid van de naamdag van de evangelist Marcus (25 april volgens Wikipedia). Inderdaad, zo rond 25 april vliegen ze zeker.

Rouwvlieg -Maartse vlieg-

Hierboven een vrouwtje, die groter is dan het mannetje en zwarte vleugels heeft, wat op de foto door weerkaatsing niet helemaal duidelijk overkomt. De mannetjes (hieronder) zijn dus kleiner en hebben veel grotere (facet)ogen. Bovendien hebben de mannetjes lichte vleugels.

Rouwvlieg -Maartse vlieg-

Het is een bonte verzameling die zich zo langzamerhand laat zien. In het voorjaar is het druk, wat meer richting zomer wordt het een stuk rustiger. Voorlopig is er buiten weer genoeg om van te genieten.


Kleine insecten

Het is elke keer weer een uitdaging om kleine insecten goed op de foto te krijgen. Ik werk wel met een macrolens maar dat heeft ook z’n beperkingen. Mijn enige lens waarmee het goed zou kunnen (vergroting 5x) is echter onbruikbaar in het vrije veld. Alles moet doodstil hangen en dat doet het bijna nooit in het veld. Wat dan rest is met de normale macrolens fotograferen en wat niet goed is weggooien. Op dagen dat het een beetje waait gooi ik vaak heel veel weg om soms maar enkele foto’s over te houden.

Zoals onderstaande dansmugje, piepklein. Hierbij zit ik wel ongeveer op de limiet van de lens.

Dansmugje

Onderstaand insect is een roofvlieg, waarschijnlijk met de illustere naam Dioctria hyalipennis. Hij zwiepte wat met een blad heen en weer en toen de wind even wegviel kon ik deze foto maken.

Rupsendoder?

Een bladhaantje zwiepte ook heen en weer en was zelf ook nog eens onrustig. Als je maar een paar millimeter scherptediepte hebt valt ook dit nog niet mee.

Bladhaantje

Maartse vliegen (Bibio marci) zijn er genoeg. Maar voordat er eentje stil blijft zitten ben je een poos verder.

Maartse vlieg (Bibio marci)

Als ze aan het paren zijn zitten ze gelukkig wel stil. De onderste (grote ogen en doorzichtige vleugels) is een mannetje. Het vrouwtje heeft donkere vleugels en veel kleinere ogen.

Maartse vlieg (Bibio marci)

Momenteel zijn er ook veel Berkenbladrollers.

Berkenbladroller (Deporaus betulae)

Begon ik met de grenzen van mijn fotografische mogelijkheden, zo eindig ik vandaag ook. Veel kleiner dan deze Berkenbladrollers moeten de insecten niet worden, dan lukt het me niet meer. Maar als het dan wel gelukt is wordt er vaak een wondere wereld zichtbaar.