Natuurfotografie, Streekgeschiedenis, Genealogie

Wantsen

Boswants

’t Weet eigenlijk niet wat nu de juiste naam is. De onderstaande wantsen zijn bekend als Boswants maar ook als Roodpotige schildwants. Rode poten hebben ze en ook een schild, dus het laatste klopt wel, maar hij leeft ook aan de randen van het bos. Alles kan wat mij betreft. Onderstaande twee trof ik aan op de Merskenheide, eentje in het bos en de andere in de begroeiing aan de rand van de heide. Eerst de bosbewoner.

Boswants

In detail zijn z’n facetogen en de brede schouderpartij goed zichtbaar.

Boswants (detail)

Vervolgens de heiderandbewoner, die opvallend lichter gekleurd was.

Boswants

Opvallend (bij beiden) is de gele punt achterop die driehoek in het schild.

Boswants

Van dichtbij bekeken leek die driehoek wel een kunstwerkje.

Boswants (detail)

Boswants of Roodpotige schildwants, je zou hem ook Geel-puntje-schildwants kunnen noemen. Maar als je “Pentatoma rufipes” zegt zit je altijd goed. In de tuinbouw zijn ze niet zo blij met deze, maar op de Merskenheide kan hij rustig z’n gang gaan en zitten mooi te wezen.


Geribde prachtblindwants & zo

Een voor mij bekende blindwants, de Miris striatus, zoals ik hem altijd heb gekend. Maar tegenwoordig heeft hij een Nederlandse naam, de Geribde prachtblindwants. Mooi is deze zeker.

Geribde prachtblindwants

 

‘k Heb nog wel even getwijfeld omdat deze een geel vierkant op z’n nekschild heeft en meestal is dat een driehoek. Maar een toonaangevende Duitse site laat zien dat deze kleine verschillen aanwezig kunnen zijn.

De verschillen met andere soorten kunnen soms erg klein zijn. Bijvoorbeeld de buurman van de bovenstaande. Van deze heb ik slechts een detailfoto. Op het eerste gezicht ziet hij er bijna net zo uit als de eerste, maar het nekschild is duidelijk anders gekleurd. Dan heb je het ineens over de Gestreepte eikenblindwants, de Rhabdomiris striatellus. Alleen het “miris” in de naam is identiek.

Gestreepte eikenblindwants

Op de foto willen ze bijna nooit, maar soms lukt het dan toch, zelfs met een detailfoto. Maar toen ik de laatste met z’n complete torso in beeld wilde nemen was het uit met de pret. Ach, d’r komt wel weer eens eentje langs.


Vrij nieuw

De ontwikkeling in de natuur gaat wel door, ondanks het heen-en-weer weer. Bijna dagelijks komen er momenteel nieuwe soorten tevoorschijn. Ik was zo ongeveer toe aan het zien van de eerste libel in dit voorjaar.

Smaragdlibel

Zoals bijna elk jaar was het ook dit jaar weer de Smaragdlibel die zich als eerste liet zien.

Smaragdlibel

Z’n naam dankend aan die groene smaragdkleur.

Smaragdlibel

Als deze libel helemaal helemaal “klaar” is zijn zelfs de ogen groen. De facetten in de ogen blijven natuurlijk wel.

Smaragdlibel (detail)

Voor die groene ogen is het nu nog net te vroeg.

nimf van een wants

Ook nog niet helemaal “klaar” was de nimf van een wantsje dat daar ook in de buurt rond scharrelde. Erg klein, slechts een millimeter of 4 tot 5 lang. Misschien eentje van de Berkensmalsnuitwants. Deze had z’n vleugels nog ingepakt en moet nog een definitieve gestalteverwisseling ondergaan. Ja de ontwikkelingen in de natuur gaan wel door, maar gelet op het tijdstip in het seizoen is het meeste nu dus nog vrij nieuw.