Natuurfotografie, Streekgeschiedenis, Genealogie

In de vergetelheid?

Rottevalle, een dorp, nu in Smallingerland, aan de rand van de Leijen. Zo’n 250 jaar geleden was het er één en al drukte. Vervening hield de bevolking voor een groot deel bezig. Verveners, veenarbeiders, turfschippers, boeren, arbeiders en kleine middenstanders, daarmee heb je het merendeel van de bevolking wel benoemd. Vroeger lag het dorp in drie verschillende grietenijen: Smallingerland, Tietjerksteradeel en Achtkarspelen.

Haventje van Rottevalle

In het dorp woonde ook nog een ambachtsman die je daar niet verwacht. Wel in een stad, zeker niet in een dorp op het platteland. Het was Jacobus Clonkerts, beeldsnijder van beroep. Dat was een zeldzaam voorkomend beroep. In 1749 vond ik in Friesland slechts één vermelding van een beeldsnijder, namelijk Jan Sybes uit IJlst.

In 1751 kwam Jacobus vanuit Beetgum in Rottevalle wonen. Men keek tegen hem op, in het lidmatenboek van de Gereformeerde kerk werd hij ingeschreven als Mons[eigneur] Jacobus Clonkers.

Clonkerts inschrijving lidmatenboek Rottevalle

Jacobus werd in 1702 in Leeuwarden geboren als zoon van de deurwaarder Hendrik  Clonkert en Aukje Loon. Jacobus had een zuster Anskjen (Aukjen) Clonkert, die trouwde met Wynandus van Assen (Asten), die achtereenvolgens predikant was in Nieuw Brongerga, Beetgum en Berlikum (Fr.). Toen Jacobus in 1751 naar Rottevalle verhuisde zal hij daarvoor waarschijnlijk bij zijn zuster en zwager hebben ingewoond.

In Rottevalle vinden we nog een tweetal inschrijvingen in het Gereformeerd lidmatenboek.  Van 1763 -1765 was Jacobus ouderling.

Een beeldsnijder maakte beelden en dergelijke in hout of zachte steen. Ze maakten hun voorstellingen vooral voor kerken, gebouwen en ook maakten ze boegbeelden voor schepen.

Jacobus overleed volgens het gereformeerd lidmatenboek in 1775 in Rottevalle. Daarna moest zijn boedel worden overgenomen door de erfgenamen of verkocht. Men besloot tot verkoop. Twee keer stond er in de Leeuwarder courant een advertentie van de boelgoed verkoping. Een bijzonder type boelgoed, er waren goederen te koop die zelden op de markt kwamen. Zelfs Wumkes vermeldde in zijn Stads- en dorpskroniek van Friesland dit boelgoed.

advertentie boelgoed Clonkerts

Uitwerking:

Men praesenteert op Boelgoedsarticulen van Smallingerland te Verkopen, op Woensdag den 24 april 1776, ten huize van Diemmer Rinses in de Rottevalle onder Smallinger Opeinde te 9 uur voor noen: De nagelatene Goederen van wylen Jacobus Klonkerts in leven Beeldsnijder in de Rottevalle voornoemt, Bedden en Bedskleederen, Linnen en Wollen, Mans-kledinge, Zilver en Goud, bestaande in een Gouden Ketting van drie streng met een Kroontie daar aan, een paar enkelde mans goudene Knopen, een Zilveren half Mengelen, een dito half Doucyn plat stalde Lepels, een dito zilveren hegte mes, Snuifdoos en mans Gespen, een quantiteit Beeldsnyders Gereedschappen, bestaande in Beitels, Hamers, Passer, Boren en Houvasten, als meede een groote menigte Tekeningen, Nederduitsche boeken, vorders allerhande Meubilen en Huisgeraden.

bron: Leeuwarder courant 13 april 1776

Jacobus kwam uit een familie van deurwaarders. In de aangetrouwde familie komen goud- en zilversmeden voor. Opvallend in de advertentie zijn de beeldsnijders gereedschappen en de grote hoeveelheid tekeningen.

Voor mij is het vervolgens de vraag of er nog iets van het werk van Jacobus Clonkerts is terug te vinden of dat misschien nog ergens die tekeningen bewaard zijn gebleven. Tekeningen misschien van ontwerpen door Jacobus gemaakt, misschien zelfs wel van door hem geleverd werk. Zijn broer Johannes Clonkerts was advocaat voor het Hof van Friesland maar ook bouwmeester. Zou Johannes zijn broer ooit werk hebben toegeschikt? Zou Jacobus Clonkerts nog als leverancier in oude rekeningen terug te vinden zijn? Voorlopig wijst echter niets daarop, het kan nog een lange zoektocht worden.

Maar misschien weet de lezer van dit bericht meer. Wie weet, misschien duikt er ooit nog iets op. Zo niet, dan verdwijnt het werk van deze beeldsnijder uit Rottevalle in de vergetelheid. ’t Zou jammer zijn.

landschap in de mist

Advertenties

3 Reacties

  1. Interessant stuk lokale geschiedenis. Ik hoop dat iemand iets laat horen; van mij als import-Fries moet je het niet hebben.

    Groeten,
    Robert

    12 februari 2012 om 21:53

  2. Beste Geert,

    Ik heb Sytse ten Hoeve, oud-directeur Fries Scheepvaartmuseum, gevraagd wat hij er van wist. Toevallig had ik recent contact met hem over beeldsnijder Yge Rintjes die te Dokkum werkte en oa preekstoelen en koorhekken maakte. Dit was zijn reactie:
    Ik heb gedurende tientallen jaren een redelijk overzicht gekregen van de beeldhouwers/houtsnijders in de 17de en 18de eeuw in Friesland. Door combinatie van archiefgegevens en vaststelling van stijlkenmerken kunnen oeuvres van de meeste, doorgaans in enkele steden werkzame ‘antieksnijders’ wel worden vastgesteld. In de 17de eeuw waren er in sommige grote dorpen wel kistenmakers gevestigd, maar geen houtsnijders. In de arme, dunbevolkte Zevenwolden was al helemaal weinig emplooi. Inde 18de eeuw bracht de vervening soms rijkdom, maar er ontstond weinig houtsnijwerk in de eenvoudige kerken en representatieve overheidsgebouwen en states waren er nauwelijks.

    Een belangrijk kerkelijk meubelstuk uit de Wouden dat niet aan een houtsnijder kan worden toegeschreven is de preekstoel met rococosnijwerk van Drachten. Die is evenwel van 1743 toen Jacobus Clonkerts nog niet in Rottevalle woonde. Belangrijk snijwerk aan preekstoelen in Langezwaag en Wijnjeterp is van de hand van Jacobus Swalue.

    Vermoedelijk heeft Clonkerts zich vooral bezig gehouden met snijwerk aan schepen, sleden, rijtuigen, meubels, uurwerkkasten etc.

    Hij blijft een raadselachtige figuur.

    Misschien is meer over hem te halen uit gerechtelijke archieven, maar voor Rottevalle moet dan wel in drie grietenijen worden gezocht. Ik blijf alert op hem en hoop ooit meer over hem te achterhalen.

    13 februari 2012 om 17:10

  3. @Hans:
    Inderdaad, het is een beetje “mistig” wat Jacobus allemaal gefabriceerd heeft. Zelf ben ik ook nog niet diep de archieven in gedoken. Het zal wel bij toevalsvondsten blijven. De goederen van Jacobus werden onder de boelgoedsartikelen van Smallingerland verkocht, dat zal een aanwijzing zijn in welk deel van Rottevalle hij woonde. Als ik iets ontdek krijgt het op deze site wel een plaatsje.

    13 februari 2012 om 18:00