Natuurfotografie, Streekgeschiedenis, Genealogie

Laatste

Vallende insecten & zo

Een lichtbruin met zwarte kever zat wat uit te rusten op een blad, denkelijk. Van deze kennen we er meer eentje in Nederland, het is de Rupsenaaskever. De naam is ietwat misleidend want deze jongen eet geen aas, maar alleen levende rupsen.

Rupsenaanskever

Toen ik goed keek viel me wat op. De kever lijkt zijn tong te hebben uitgestoken. Het lijkt een spiraalvormig “tast-instrument” te zijn. Maar misschien is het ook wel wat anders en dan hoor ik het wel. Het was in elk geval wel opvallend. Helaas zat de kever ietwat achter een blaadje verscholen en toen ik dat wilde verwijderen liet de kever zich vallen en ik heb hem niet weer terug gezien.

Rupsenaanskever (detail)

Het is dus een levende rupsen eter. Daar hoort een rups bij. Daar hoefde ik niet lang naar te zoeken. Een groen met bruin exemplaar met een op gelei lijkende “omranding”, een mooi gekleurd exemplaar vond ik. Een grote zwarte kop en een paar zwarte nep-ogen op de achterhand. Maar al gauw twijfelde ik, dit leek minder op een rups en meer op een larve van een bladwesp.

larve bladwesp

Deze “rups” ging aan de rekstok hangen wat mij de gelegenheid kon geven z’n poten te tellen. Het beest heeft zes (2 x 3) borstpoten en dan is het afhankelijk van de hoeveelheid buikpoten of het een vlinderrups is of de larve van bladwesp. Een vlinderrups heeft maximaal 4 paar buikpoten en de larve van een bladwesp heeft er meer dan 4 paar. Dus begon ik aan het blad te friemelen om nog eens goed te kijken en u raadt het al …. hij liet zich vallen. Om hem te zoeken in de bush en daarbij per ongeluk plat te knijpen, dat heb ik maar gelaten. Foetsie dus ….

larve bladwesp

Dan nog een aanvulling op vorige week inzake de Smaragdlibel. We zijn een week verder en weer kreeg ik er eentje voor de lens. Deze keer kun je goed zien dat deze een behoorlijk getailleerd achterlijf heeft en dus een mannetje is.

Smaragdlibel (m)

In een week tijd waren de ogen, bij deze slechts één oog, al voor een deel groen gekleurd. Je zou kunnen denken dat het reflectie is maar ik heb hem goed bekeken en zijn ene oog was echt al redelijk groen.

Smaragdlibel (m)

Er was veel meer te zien en te fotograferen daar op de Kapellepôle, daar kom ik nog op terug.

Advertenties

Smaragdlibel

Na het eerste juffertje in dit seizoen ben ik op zoek gegaan om een foto te maken van de voor mij eerste libel. Vaak zijn het de Smaragdlibellen die zich het eerst laten zien. Waar ik ze vaak heb gevonden is op de Kapellepôle onder Wijnjeterp. Zo ook nu, er vlogen diverse exemplaren rond die het allemaal erg druk hadden met de jacht. Dan is het wachten totdat er eentje middagpauze neemt. Na zo’n kwartiertje  wachten kon ik dan toch de eerste Smaragdlibel “portretteren”. Ook hier betrof het een nog jong exemplaar, de ogen zijn nog bruin. Die zullen later ook groen worden.

Smaragdlibel

Het verschil tussen mannetjes en vrouwtjes is niet erg duidelijk. Het grootste verschil is dat de mannetjes een sterk getailleerd achterlijf hebben. Dat had deze niet dus het zal wel een vrouwtje zijn geweest.

Smaragdlibel achterlijfaanhangsels (detail)

De libel hing zo mooi stil dat het ook nog mogelijk was de facetogen goed in beeld te krijgen. En zo van dichtbij kun je de groene kleur ook mooi zien. Deze soort behoort tot de groep van de glanslibellen en glanzen deed zij, dat is zeker.

Smaragdlibel facetoog

Daar vlakbij hing een strontvlieg, denkelijk, in het gras. In een overigens ietwat ongebruikelijke houding met gespreide vleugels. Omdat ik toch moest wachten heb ik deze ook maar even vastgelegd. Onder de grasaar hing nog een tweede insect, welke dat heb ik niet kunnen vaststellen.

strontvlieg

Want toen ik klaar was met de Smaragdlibellen was dit stel ook verdwenen. Maakt niet uit, voor mij waren die glanzende libellen hoofdzaak.

Voorjaar-nieuw (2)

Een wandeling door het Wijnjeterper schar is momenteel wat minder “spannend” dan een aantal jaren geleden. Dat komt omdat men een poos geleden de waterhuishouding heeft veranderd en allerlei sloten heeft gedempt en daarbij ook nog eens bijna al het struikgewas heeft verwijderd. Dan is er gewoon wat minder “werk” voor mijn macrolens en ga ik er alleen naar toe om speciale onderwerpen te zoeken. Vandaag zijn dat de juffertjes, die zo langzamerhand ook weer tevoorschijn moeten komen. Maar eerst het uitzicht over het ven waar vlakbij de volgende foto’s zijn gemaakt met een weerspiegelende wolkenlucht. Dat uitzicht alleen al was de moeite waard.

ven in Wijnjeterperschar

Maar eerst liet zich nog een weekschildkever zien, populair genoemd het geel soldaatje.

weekschildkever (geel soldaatje)

Toen was het beurt aan de juffertjes, maar dat viel niet mee. Het was òf te koud òf ik was nog te vroeg, maar er vlogen na veel zoeken slechts twee exemplaren rond. Met moeite kreeg ik één van die twee voor de lens. Omdat er nauwelijks nog struikgewas is moeten deze juffertjes als ze willen rusten aan de grassprieten laag bij de grond gaan hangen, wat dan weer een warrige achtergrond oplevert. Met een kader om de foto heb ik iets van die warboel kunnen afvangen.

Azuurwaterjuffer (v) jong

Dit was vrij zeker een Azuurwaterjuffer, een vrouwtje, nog jong en nog niet op kleur, maar het blauw begint er al wel een beetje “doorheen te piepen”. Ze lijken fors te zijn op zo’n foto maar in werkelijkheid zijn ze slechts een centimeter of vier tot vijf lang.

Azuurwaterjuffer (v) jong

Een “blauwe” juffer dus, terwijl het eigenlijk altijd de rode vuurjuffers zijn die het eerst uitsluipen. Die heb ik niet gezien, dus ik moet nog maar eens terug. Hopelijk is het dan net wat warmer.