Natuurfotografie, Streekgeschiedenis, Genealogie

Laatste

Diakonievene

Het leek me een goed idee om een wandeling door het Diakonievene onder Nijeberkoop te maken. Het weer was goed, een lekker temperatuurtje, en het was droog. Misschien wel net te droog voor dit natuurgebied. Waar eens waterpoelen waren en waar ze eigenlijk zouden moeten zijn was het nu droog er bleef alleen nog een blubberpoeltje over.

Diakonievene

In dit gebied staan veel exemplaren van het Jacobskruiskruid wat soms mooie beelden van Jacobsvlinders of hun zwartgeel gestreepte rupsen kan opleveren, daarvoor is het nu echter te laat in het seizoen. Ik had ook niet meer zoveel vlinders verwacht, het is half oktober, maar er vlogen daar nog een flink aantal rond, hoofdzakelijk de Kleine vuurvlinder.

Kleine vuurvlinder

Hoewel dat Jacobskruiskruid giftig is schijnen ook deze vlindertjes daarvan geen last te hebben.

Kleine vuurvlinder

Het kon ook bijna niet anders, een paar Grote parasolzwammen hadden de hoed ook weer op de steel staan.

Grote parasolzwam

Hoewel …… grote ……, ik heb er maar twee gevonden en die waren klein, heel klein, het leken bijna wel bonsai-parasolzwammen. Daar zal de droogte in de natuur ook de oorzaak van zijn. Zo mini heb ik ze daar nog nooit gezien. Na afloop van de wandeling heb ik nog even zitten nagenieten op een mooie nieuwe picknickbank naast de vernieuwde en sterk vergrote parkeerplaats. Kijkend naar de vele libellen die nog actief waren, maar poseren …., ho maar.

Advertenties

Paringswiel

Het kan soms vreemd lopen. Dan rijdt je naar een natuurgebied om, als het kan, bij dit mooie weer nog een enkele libel op’t portret te zetten. Nou …., ze waren er wel, slechts enkele, maar dat portret dat kon ik vergeten, ze hadden het veel te druk met jagen. Dan kom je thuis met een ietwat teleurgesteld gevoel en je besluit in de tuin een bak koffie naar binnen te werken. Dan opeens ……, landt er zomaar een paringswiel van heidelibellen op de tuintafel. Die kans heb ik me niet laten ontgaan.

paringswiel heidelibellen

Ze lieten zich uitstekend benaderen, hieronder het mannetje, je ziet duidelijk z’n facetogen.

heidelibel (m)

Het vrouwtje werd angstvallig in de nek vastgehouden

heidelibel (v)

Ik heb ze verder mooi laten begaan. Na een kwartiertje waren ze het zat denk ik en ze vertrokken, nog wel in wielformatie.

heidelibel (v)

Het is de vraag welke soort dit precies is. Gelet op de gele strepen op de poten zijn het òf Bruinrode òf Steenrode heidelibellen. Maar als ze ouder worden zijn de kleuren vager, wat het moeilijker maakt de soorten van elkaar te onderscheiden. Omdat ze geen aflopende snor hadden die langs de ogen liep houd ik het maar op de Bruinrode heidelibel.

herfstblad

Het is zo ongeveer half oktober en dan vindt je nog een paringswiel in je tuin. Het mooie weer zal zeker bijgedragen hebben. Herfstkleuren zijn volop aanwezig in m’n tuin, maar geen water. Ik hoop dan ook dat mevrouw heidelibel nog ergens haar eieren heeft kunnen afzetten. Dan zullen ze zeker nog een paar honderd meter aan elkaar vastgeklemd in het paringswiel moeten hebben vliegen. Het kan soms vreemd lopen.

Nog eentje

Onder al die mooie wolkenluchten, ook in de afgelopen week,

wolkenlucht

waar kuilbulten al zijn aangebroken, denkelijk door een zomers voertekort, veroorzaakt door de hitte,

aangebroken kuilbult

waar er nog steeds gras wordt geoogst,

grasoogst

waar vooral loonbedrijven weer aan het sloothekkelen zijn geslagen, soms ook de boeren zelf,

sloot hekkelen

waar de afrikaantjes die grondaaltjes moeten bestrijden in bloei raken,

afrikaantjes

daar onder die wolkenluchten was nog een Roodborsttapuit aanwezig, eentje maar.

Roodborsttapuit

Gelet op de kleuren op de achtergrond zou je kunnen denken dat deze foto in het voorjaar is gemaakt, maar aan z’n verenkleed kun je zien dat dit niet het geval is. Nee, door de droogte is de groei van het gras vertraagd, waardoor het langer op het land staat en daardoor zie je overal weer paardebloemen verschijnen, die hun kans grijpen. Deze Roodborsttapuit zou eigenlijk al onderweg naar Afrika moeten zijn, maar misschien blijft hij wel, net zoals ik in de afgelopen winter ook steeds eentje, steeds dezelfde, zag.